zondag 8 juni 2008

Olympische toortskoorts in Guilin


<

De leiding van de universiteit had ons nog zo op het hart gedrukt niet te gaan. Het zou gevaarlijk druk zijn. Maar massaal spijbelden we en gingen we toch. Toch kijken naar de rondgang van de Olympische toorts door Guilin. 6 juni jl. om 09.00 uur zou deze vlam der vlammen de stad bereiken. 'Light the passion, share the dream'. Het is het motto dat de rondgang van de toorts door China begeleidt.
Gekleed in t-shirt met de tekst 'I love China', gewapend met vlaggetjes met daarop het logo van de komende spelen en met een rode sticker met nog meer China-love op mijn voorhoofd, verliet ik om 06.00 uur 's ochtends de campus. Niet alleen ik wilde de 'dream sharen', maar heel Guilin (700.000 inwoners), zo leek het wel wel. Eenmaal op de openbare weg werd ik opgenomen in een schare van tienduizenden in vergelijkbare outfit gestoken Chinezen. De stemming was vrolijk, opgewekt; beetje opgewonden ook.
Na ruim een uur lopen vond ik een geschikte plek. Een betonnen afrastering rond een boom. Ik kon over de hoofden heen kijken. De Chinezen zwaaiden naar hartelust met hun Chinese vlaggen en ik zwaaide met m'n rode en witte vlaggetjes enthousiast mee. Iedere keer als iets er op duidde dat het grote moment was aangebroken, schoten alle camera's in de lucht en drong het publiek als in een wave naar voren en scandeerde het massaal de yell 'jiayóu Zhongguó jiayóu', oftewel 'Hup China hup'. Dat laatste gebeurde met zo'n overgave dat het mij de rillingen over de armen deed lopen. De Chinezen gingen compleet los bij die yell, en ik, ik werd er in meegezogen.
Nadat een paar reclamewagens met daarop een stel swingende dames was gepasseerd - het leek wel de carnavalsoptocht van Breda - kwam ie er dan eindelijk aan: dé vlam. Eerlijk gezegd was het niet meer dan een vlammetje op de 72cm. hoge toorts. Deze toorts hield het vlammetje via propaangas brandende, of meer toepasselijk, wakende. In een vloek en een zucht was ie en was het voorbij. Amper 1 seconde heb ik 'm gezien, in handen van een plaatselijke atleet. Dat was al. Het is helemaal niets, maar toch, ik had het voor geen (Olympisch) goud willen missen.