donderdag 15 mei 2008
Ramptelevisie
Gekluisterd zit ik aan de Chinese buis. 24 uur van de dag worden live beelden uitgezonden van de gevolgen van de catastrofale aardbeving en van de grootschalige reddingsoperatie die in gang is gezet. De omvang van de ramp is bijna niet voor te stellen. Een gebied zo groot als België is getroffen; 10 miljoen mensen zijn dakloos of anderszins getroffen. Het dodental wordt nu al geschat op 50.000 personen. Vergeleken met deze cijfers is een overstroming van de Bommelerwaard kinderspel.
Tweehonderd Chinese journalisten zijn ingezet en slagvaardig, althans zo is mijn indruk, verslaan ze de gebeurtenissen. Er zijn animaties, er is achtergrondinformatie, er zijn discussies.
Qua beelden blijft mij als kijker niets bespaard. Gruwelijk menselijk leed, benen die worden geamputeerd om iemand onder het puin vandaan te kunnen trekken, verdriet, wanhoop. Echte heroïek zie ik ook: van burgers en militairen om individuen te redden die onder het puin liggen.
Er is op dit ogenblik een luchtoperatie gaande waar mijn bloed sneller van gaat stromen. De aanleiding is vreselijk, maar het is adembenemend om te zien. Honderden parachutisten, inclusief hulpgoederen, worden gedropt in door de aardbeving onbegaanbare gebieden. Ik zie het leger met grote snelheid pontons aanleggen over rivieren waarvan de bruggen zijn weggeslagen. Vliegtuigen vliegen af en aan met hulpgoederen.
Het hele land lijkt aan het inpakken: medicijnen, voedsel, kleding. Fabrieken maken overuren om tenten te fabriceren. 130.000 militairen en agenten zijn ingezet.
De beelden laten de kijker een goed georganiseerde reddingsoperatie zien. Samenvattingen worden begeleid door heroïsche muziek.
De Chinezen zijn als collectief, als groep sterk. Ze kunnen bergen verzetten. Dat hebben ze gevoeglijk wel bewezen.
De tijd dringt nu. Medisch personeel en militairen zijn continu in touw, want telkens weer worden overlevenden onder het puin gevonden. De stroom aan zwaargewonden is onvoorstelbaar groot. Hoe lang kan een mens, een kind zonder voedsel en water? Hoe lang kan een arts, een verpleegkundige, een militair, politieman zonder slaap?
Inmiddels staan her en der Chinezen bloed af. Er is een chronisch gebrek aan bloedplasma. Mensen staan in de rij om hun bijdrage te leveren. Ook zijn op televisie oproepen gedaan shovels, tractoren, maar ook schoppen, houwelen en ander klein materiaal af te staan.
Overal wordt inmiddels massaal geld ingezameld om de getroffenen te helpen. In alle bedrijven, op alle scholen, staan rode brievenbussen opgesteld. Ik zie voornamelijk briefjes van 100 Renminbi in die bussen verdwijnen. Omgerekend is dat 10 Euro. Voor een gemiddelde Chinees een heel bedrag. Inmiddels heeft de Chinese bevolking omgerekend 125 miljoen dollar gedoneerd. Dit is nog maar het begin.
China wil de gevolgen van de ramp in principe op en met eigen kracht bestrijden. Begrijpelijk. Toch wordt inmiddels hulp van buiten aanvaard. Aartsvijand Japan heeft toestemming gekregen hulptroepen te sturen naar de getroffen provincie Sichuan. Het recente staatsbezoek van Hu Jintao aan Japan zal mede debet zijn aan het honoreren van het hulpaanbod van de Japanners. Ook Taiwan mag hulptroepen sturen. Een unicum gezien de betrekkingen. Ik ben geneigd te denken dat hierbij het symbolische aspect vooralsnog zwaarder weegt dan de waarde van het concrete aanbod.
