zaterdag 5 april 2008

Nerveus voor onderwijsinspectie



Sinds een week is er een nerveuze drukte op de campus. De straten worden extra geveegd, de stoelen gewassen, iedereen loopt verplicht met een badge op waardoor herkenbaar is wat je functie en status is, gebouwen krijgen een verfje, honderden plantjes staan plots in slagorde opgesteld langs de trappen van de bibliotheek en het international building, de beveiliging is versterkt, docenten moeten 20 minuten voor aanvang van hun lessen al aanwezig zijn, studenten mogen t/m 11 april de campus niet verlaten maar moeten studeren en hun 'dormitory' moet van schoonheid blinken.
Wat is er toch aan de hand? Welnu, de onderwijsinspectie komt hier een week langs voor de jaarlijkse inspectiebeurt. Daarbij wordt niet over een nacht ijs gegaan. Ze gaan alles, maar dan ook alles controleren en waarderen: niet alleen de kwaliteit van de colleges, maar ook het Dreftgehalte van de dormitories en van de openbare ruimten op de campus.
Ineens moet alles volgens de regels op deze voor de rest van het jaar zo informele universiteit waar je altijd wel iets, tegen de regels in, kunt ritselen.
Veel hangt af van het cijfer dat de universiteit na de inspectiebeurt in de wacht weet te slepen. Als de universiteit in de top 10 van China's beste universiteiten weet te geraken, wint ze enorm aan status en eer en sleept ze bovendien extra pecunia in de wacht om in het onderwijs te investeren.
Er valt dus veel te winnen aan een goed cijfer op de ranglijst en alles wordt op alles gezet om de dames en heren inspecteurs een goede indruk te geven, te vleien en te paaien.
Voor het eerst ook wordt duidelijk dat op de universiteit leden van de partij studeren. Als besten van hun klas hebben ze een beurs in de wacht gesleept van de partij. Die rode, qua kleur onderscheidende badge, dragen ze nooit, maar nu zijn ze voor iedereen herkenbaar.
Na 11 april zal de universiteit zich weer hernemen en keren de rust, de sfeer en het informele karakter weer terug. Daarvan ben ik overtuigd. Maar 1 x per jaar voeren we hier allemaal een toneelstukje op. Zelf mag ik op 7 april met m'n tai chi-groepje optreden voor het hoge bezoek. Als dat maar goed gaat en ik het prestige van de universiteit niet verknal. Aan mij zal het niet liggen. Ook ik heb zo m'n eer.